Levensloop
Spijkers om te genezen

 
Voor wie ziek is, zijn alle middelen goed. Als een officiële geneesheer niet kan helpen, dan wordt er gebeden. Als ook dat niets oplevert, nemen mensen hun toevlucht tot andere methodes. Dan proberen ze bijvoorbeeld magie in te schakelen. Dat is vandaag soms het geval, en dat gebeurde vroeger heel vaak.
Soms levert dat merkwaardige praktijken op. Zo bestaat tot vandaag de dag de gewoonte dat zieken naar een boom gaan en er een stukje verband of zakdoek of weet-ik-veel-wat aan hangen. Ze doen dit in de hoop dat de ziekte die aan zo’n voorwerp is verbonden, overgaat op de boom en de mens daarvan zal bevrijden. In andere gevallen maken mensen de boom zelf een beetje ziek door er een spijker in te kloppen. Ook die handeling zou een genezende werking hebben. En blijkbaar met succes want het gebruik is al eeuwen oud.
Waar het vandaan komt, is verdwenen in de nevelen van de geschiedenis. Sommigen denken aan een Keltische oorsprong, maar dat valt niet hard te maken. Tussen ons en de Kelten liggen een kleine 2000 jaren terwijl de oudste vermeldingen van nagelbomen maar een paar honderd jaren oud zijn. Bovendien komen nagelbomen ook in onder meer Griekenland voor, een land dat nooit tot de Keltische cultuur heeft behoord. De vraag naar de oorsprong laten we best wijselijk open.
Rond 1900 zouden er in België zo’n 100 nagelbomen hebben gegroeid. Vandaag zijn er dat heel wat minder, maar helemaal verdwenen is het gebruik niet. Wie goed zoekt, vindt er nog een stuk of tien. Vrij bekend zijn de nagelbomen van Herchies en Stambruges, bij Bergen. Daar hangt telkens een boom propvol vodden, foto’s, poppetjes, lappen... Kennelijk is de nood aan genezing zo groot, dat mensen massaal die bomen blijven opzoeken.
Dichter bij huis vinden we de nagelboom van Han-Sur-Lesse. Die staat er vlak voor de kerk, naast de grote verkeersweg. Altijd steken in de stam niet-beroeste nagels, wat erop wijst dat ze recent erin werden geklopt. Verder valt op hoeveel punaises in de boom steken. Wellicht schamen sommigen zich voor hun “bijgeloof” en prikken ze liever gauw een punaise in de schors, dan dat ze goed zichtbaar er een spijker in timmeren.
In Limburg zijn nog twee of drie nagelbomen bekend. Zo hebben we de voddenkapel van Hasselt, naast de Luikersteenweg. Zieke of gewonde mensen (of hun familie) binden een stuk stof of verband rond een tralie van een kapelraam. Een gebruik dat veel lijkt op wat in Herchies en Stambruges met bomen gebeurt. Bovendien schreef rond 1900 de volksschrijver Fons Jeurissen dat bij de kapel een wilg stond, waarrond men een lint moest binden. Waarschijnlijk is later de boom verdwenen en ging het gebruik over op de kapel.
Een paar honderd meter buiten Val-Meer staat er de befaamde kwartjesboom. Zieke mensen nagelden een spijker of kwartje - dat vroeger in het midden een opening vertoonde! - tegen de boom. In de jaren zestig ging de pastoor echter zo lelijk tegen dit “bijgeloof” tekeer, dat het gebruik wegdeemsterde en de boom vergeten raakte. Maar een paar jaar geleden kreeg hij om toeristische redenen eerherstel. Nu kan iedereen hem opnieuw bewonderen.
Ten slotte vinden we buiten Sint-Martensvoeren een heuse nagelboom. Ook hij bevat verse nagels, zodat we mogen aannemen dat hij nog altijd in gebruik is. Het gaat om een schitterende paardekastanje, waarvan de vruchten moeten helpen tegen reuma. Ook tegen tandpijn zou de boom goede diensten bewijzen. Maar of zijn verering zelf de tand des tijds zal doorstaan, valt af te wachten.


>> Terug naar overzicht "Geheimen"